De belastingen als bedoeld in artikel 3, lid 1, sub a en b, worden
niet geheven ter zake van percelen, welke in hoofdzaak zijn bestemd
voor de openbare eredienst of voor openbare bezinningsbijeenkomsten
van genootschappen op geestelijke grondslag - anders dan
kerkgenootschappen - die rechtspersoon met volledige
rechtsbevoegdheid zijn, voor het gezamenlijk beleven van en zich
bezinnen op de aan die genootschappen ten grondslag liggende
levensovertuiging.
De belastingen als bedoeld in artikel 3, lid 1, sub b, wordt niet
geheven ter zake van afvalwater dat wordt geloosd op het
gemeentelijke rioleringsstelsel en afkomstig is van
saneringsprojecten in het kader van bodemverontreiniging.
Artikel 11
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2017