Naar hoofdinhoud
1.. In de lijn van de besturingsfilosofie van de gemeente kunnen de bevoegdheden voor de bedrijfsvoering zo laag mogelijk in de organisatie worden ondergemandateerd en wel op het niveau van de teammanager. Daar staat tegenover dat de naast hogere manager (algemeen directeur of domeindirectuer) altijd bevoegd blijft om een ondergemandateerde bevoegdheid zelf uit te oefenen. 2.. Ingevolge artikel 10:2 van de Awb kan er in mandaat alleen een beslissing worden genomen over de uitvoering van regelingen. De bevoegdheid om te beslissen over het vaststellen van regelingen blijft echter voorbehouden aan het college van burgemeester en wethouders. 3.. Verder is belangrijk dat elk besluit schriftelijk en begrijpelijk wordt gemotiveerd. Bovendien is het noodzakelijk dat er “teruggelezen” kan worden hoe een besluit tot stand is gekomen. Ook de belangenafweging, organisatie- versus het persoonlijk belang, zal voor zover aan de orde een plek moeten krijgen in de besluitvorming. 4.. Om de kwaliteit van besluitvorming zo goed mogelijk te borgen is, naast heldere kaders en/of richtlijnen, een ‘goed en gedegen' advies een absolute voorwaarde. Het management wordt hierin gefaciliteerd door het team P&O. Het laten informeren/adviseren over zaken waar rechtspositionele, organisatorische en financiële consequenties aan zijn verbonden heeft een verplicht karakter bij complexe personele en organisatorische vraagstukken. De adviseur van P&O brengt zijn advies uit met inachtneming van wet- en regelgeving, de concernbrede kaders en/of vastgestelde richtlijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel