**1..** Het college ziet af van het opleggen van een maatregel als:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt, of
de gedraging meer dan één jaar voor constatering daarvan
door het college heeft plaatsgevonden.
**2..** Het college kan afzien van het opleggen van een maatregel als het
daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
**3..** Als het college afziet van het opleggen van een maatregel op grond
van dringende redenen, wordt een belanghebbende hiervan schriftelijk
op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 1.
Artikel 6.
Afzien van het opleggen van een maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Westerveld 2016