Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 9.

Indeling in categorieën

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstandGemeente Pekela

De gedragingen die verband houden met het geen of onvoldoende medewerking verlenen aan het verkrijgen of behouden van algemeen geaccepteerde arbeid, worden in zes categorieën onderscheiden. Hierbij is de ernst van de gedraging het onderscheidend criterium. Een gedraging wordt ernstiger geacht naarmate de gedraging concretere gevolgen heeft voor het niet verkrijgen of behouden van betaalde arbeid. De eerste categorie betreft de formele verplichting om zich als werkzoekende in te schrijven bij het CWI en ingeschreven te doen blijven. De tweede categorie betreft de verplichting tot een actieve opstelling op de arbeidsmarkt, de eigen verantwoordelijkheid van de belanghebbende om bijvoorbeeld voldoende te solliciteren en te voldoen aan een oproep. In de derde categorie gaat het om gedragingen die direct een aanleiding vormen tot een beroep op bijstand of het zonder noodzaak langer voortduren daarvan. Het gaat hier om het stellen van niet verantwoorde beperkingen ten aanzien van de aanvaardbare arbeid en om gedragingen die de kansen op arbeidsinschakeling verminderen. Voorbeelden van deze categorie zijn negatieve gedragingen bij sollicitaties en onvoldoende meewerken aan het opstellen van een individuele trajectovereenkomst. De vierde categorie behelst het onvoldoende meewerken aan het uitvoeren van de opgestelde trajectovereenkomst. Hiermee wordt tevens benadrukt dat een voor de gemeente kostbaar traject geen vrijblijvende zaak is. Hetzelfde geldt voor gedragingen van de vijfde categorie. De vijfde categorie onderdeel a betreft de verplichting om de individuele trajectovereenkomst te ondertekenen. De trajectovereenkomst wordt als bijlage bij het besluit tot toekenning of voortzetting van de bijstand meegestuurd. Onderdeel b ziet op die gedragingen van de vierde categorie die hebben geleid tot het voortijdig beëindigen van een traject. De zesde categorie betreft het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid alsmede door eigen toedoen voorafgaand aan de aanvraag algemeen geaccepteerde arbeid niet behouden dan wel tijdens de bijstand deeltijdarbeid niet behouden.

Rechtspraak bij dit artikel