Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.1.3

Afschrijvingsduur

Onderdeel van Nota waarderen en afschrijven 2017 Eijsden-Margraten

Binnen de wettelijke kaders hebben we ten aanzien van de te hanteren afschrijvingsduur een vrijekeuze. De belangrijkste kaders zijn: Artikel 64 lid 1 van het BBV geeft aan dat slijtende vaste activa budgetonafhankelijk moeten worden afgeschreven in een periode; De afschrijvingstermijn van een actief is afhankelijk van de gebruiksduur en wordt bepaald door de economische en technische levensduur (artikel 64 lid 3). Omdat de economische levensduur gebaseerd is op een schatting, moeten we hiervoor richtlijnen opstellen voor de diverse activa. In bijlage 1 is een overzicht opgenomen waarin we per activasoort de levensduur weergeven waaroverwe in principe afschrijven. De levensduur is gebaseerd op zowel eigen ervaringscijfers als die van andere gemeenten. De opsomming is niet uitputtend. Ook blijft het in incidentele gevallen,bijvoorbeeld bij een sterk afwijkende werkelijke levensduur, mogelijk af te wijken van de genoemdeafschrijvingstermijnen. Voor activa die niet in de tabel is opgenomen stelt het College van burgemeester en wethouders deafschrijvingstermijn vast. Zoals in paragraaf 3.3.3 vermeldt mag uitsluitend op activa in de openbare ruimte met eenmaatschappelijk nut resultaat afhankelijk extra worden afgeschreven. De in bijlage 1 genoemdeafschrijvingstermijnen zijn voor die categorie activa dan ook minder hard. Extra afschrijven voor activamet een economisch nut is echter uitsluitend toegestaan als er sprake is van duurzamewaardevermindering of als het actief eerder buiten gebruik wordt gesteld. Grond Uitsluitend op slijtende vaste activa dient te worden afgeschreven (artikel 64 lid 3 BBV). Grond slijtniet, dus daarop behoort niet systematisch te worden afgeschreven. Een afwaardering op grond wegens een duurzame waardevermindering als bedoeld in artikel 65 lid 1 van het BBV behoortuiteraard wel tot de mogelijkheden, bijvoorbeeld bij een gebleken bodemvervuiling. Bij investeringen met een economisch nut wordt de grondprijs, voor zover deze is begrepen in deverkrijgings- of vervaardigingsprijs, afgesplitst en afzonderlijk geactiveerd. Uitgangspunt 13: We hanteren de afschrijvingstermijnen zoals opgenomen in bijlage 1. Uitgangspunt 14: In incidentele gevallen is afwijking van de afschrijvingstermijnen zoals beschreven in bijlage 1 vandeze notitie mogelijk, mits gemotiveerd. Uitgangspunt 15: Het College stelt de te hanteren afschrijvingstermijn vast voor activa die niet in bijlage 1 isopgenomen. Uitgangspunt 16: Bij investeringen met een economisch nut splitsen we de grondprijs, voor zover deze is begrepen inde verkrijgings- of vervaardigingsprijs, af en activeren we deze afzonderlijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel