In aanvulling op het gestelde in artikel 3.2, eerste lid, onder a. van de Verordening is sprake van permanent toezicht indien wordt voldaan aan de volgende vereisten:
de burger is op basis van aandoeningen, stoornissen en beperkingen noodzakelijkerwijs optoezicht aangewezen op regelmatige en onregelmatige momenten;
het toezicht wordt geboden op basis van actieve observatie;
het toezicht signaleert dreigende ontsporing in het gedrag of de gezondheidssituatievroegtijdig, waardoor tijdig kan worden ingegrepen en de escalatie kan worden voorkomen van onveilige, gevaarlijke, (levens-)bedreigende gezondheids- en (levens-)bedreigende gedragssituaties voor de burger;
zorgverlening kan op elk moment nodig zijn. Behalve geplande zorg is regelmatig ook ongeplande zorg nodig;
de burger is niet in staat te beoordelen of hij zorg nodig heeft, hulp in te roepen en hulp af te wachten.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.1
Criteria ‘logeervoorziening’
Onderdeel van Vaststelling van de regeling tot wijziging van de regeling Maatschappelijke Ondersteuning Den Haag 2016