Naar hoofdinhoud
1.. Voor het hebben van een grafbedekking is een schriftelijke vergunning nodig van het college. 2.. De rechthebbende van een eigen graf vraagt de vergunning voor het hebben van een grafbedekking aan. 3.. Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kan het college nadere regels vaststellen. 4.. Het college kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde nadere regels. 5.. Indien de termijn, waarvoor het uitsluitend recht op een graf geldt, ingevolge artikel 15 lid 3 en 4 is verlengd, wordt op verzoek van rechthebbende de vergunning met eenzelfde termijn verlengd. 6.. Op algemene graven kan slechts een grafbedekking worden aangebracht, indien het graf vol is. 7.. Het college kan de vergunning weigeren indien: niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels; de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats; de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is; de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is. 8.. Het bepaalde in artikel 22 lid 4, is van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel