Naar hoofdinhoud
1.. Begraving en cremeren mag slechts geschieden, indien van tevoren het verlof tot begraven/ cremeren is overgelegd aan de bedrijfsleider. 2.. Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de bedrijfsleider te worden overgelegd, ondertekend door de rechthebbende. 3.. Begraving of bijzetting in een eigen graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de anderen, genoemd in artikel 16, tweede lid. 5.. De bedrijfsleider onderzoekt de genoegzaamheid van de overlegde stukken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel