11.1 Inleiding
Bij kortdurend verblijf gaat het om logeren gedurende maximaal drie etmalen
per week gemiddeld, met als doel het overnemen van de zorg ter ontlasting
van de gebruikelijke zorg of de mantelzorger. Het verblijf is ter aanvulling
op het wonen in de thuissituatie en niet als wonen in een instelling voor
het grootste deel van de week. Het gaat dan bijvoorbeeld om persoonlijke
zorg en verpleging (uit de Zvw) en de thuisondersteuning of dagbesteding
(Wmo).
11.2 Doelgroep
Cliënten die in aanmerking komen voor kortdurend verblijf:
Hebben chronische complexe problemen door een somatische,
zintuiglijke of verstandelijke beperking, een psychische- of
cognitieve aandoening.
Hebben maximaal drie etmalen nodig omdat de andere etmalen door
gebruikelijke hulp en/of de mantelzorg worden geboden. (Er kunnen
ten behoeve van vakantie van de mantelzorger ook etmalen gespaard
worden en achtereenvolgend worden gebruikt als zijnde een opname van
bijvoorbeeld drie weken).
11.3 Resultaat
Het bieden van noodzakelijk ondersteuning en tijdelijk verblijf aan cliënt.
Maar ook het ontlasten van mantelzorger(s) en de thuissituatie leefbaar
blijft.
Kortdurend verblijf wordt geboden met en zonder zorg, per dag of per etmaal.
Hieronder wordt het onderscheid weergegeven:
Kortdurend verblijf dag zonder zorg: gedurende de dag verblijft de
cliënt in een instelling waarbij geen persoonlijke verzorging
(vanuit de Wmo) nodig is.
Kortdurend verblijf dag met zorg: gedurende de dag verblijft de
cliënt in een instelling waarbij persoonlijke verzorging (vanuit de
Wmo) nodig is.
Kortdurend verblijf etmaal zonder zorg: gedurende een etmaal (24
uur) verblijft de cliënt in een instelling waarbij geen persoonlijke
verzorging (vanuit de Wmo) nodig is.
Kortdurend verblijf etmaal met zorg: gedurende een etmaal (24 uur)
verblijft de cliënt in een instelling waarbij persoonlijke
verzorging (vanuit de Wmo) nodig is.
Een cliënt met persoonlijke zorg en verpleging vanuit de ZVW blijft altijd
gebruik maken van kortdurend verblijf zonder zorg. Daarbij wordt altijd
eerst gekeken of voorliggende mogelijkheden een adequate oplossing bieden.
Denk aan: respijthuis, kortdurend eerstelijnsverblijf vanuit
Zorgverzekeringswet (aanvullende verzekering) of logeren vanuit indicatie
Wet Langdurige Zorg, alarmering of video op afstand, inschakelen van anderen
uit het netwerk en inzet van vrijwilligers.