Indien door het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenverplichting ten onrechte (te veel) bijstand wordt of is verstrekt, wordt de bijstand verlaagd met:
10% van de norm gedurende 1 maand indien het benadelingsbedrag minder bedraagt dan€ 500,00.
25% van de norm gedurende 1 maand indien het benadelingsbedrag minder bedraagt dan € 2.000,00 maar meer bedraagt dan of gelijk is aan € 500,00.
25% van de norm gedurende 2 maanden indien het benadelingsbedrag minder bedraagt dan het bedrag van de grens aangiftebedrag Openbaar Ministerie, maar meer bedraagt dan of gelijk is aan € 2.000,00.
Indien na aangifte het Openbaar Ministerie besluit niet te vervolgen, zijn de bepalingen zoals opgenomen in deze verordening van toepassing op de betrokkene.
Bij recidive binnen een periode van 36 maanden na het vaststellen van een eerste fraude, wordt de bijstand verlaagd met 50% van de norm gedurende 2 maanden, ongeacht de hoogte van het benadelingsbedrag.
Bij herhaalde recidive wordt een individueel besluit genomen met als uitgangspunt uitsluiting van het recht op bijstand gedurende minimaal 3 maanden.