**1..** Gelet op artikel 2.6, lid 1 onder g Jeugdwet, geeft het college een beschikking af nadat het kernteam en de aanbieder van jeugdhulp waarnaar is verwezen, gezamenlijke afspraken hebben gemaakt over de in te zetten maatwerkvoorziening, zoals bedoeld in artikel 2.1, lid 4, tenzij er sprake is van een uitspraak door de kinderrechter, of een verwijzing door een gecertificeerde instelling of de directeur van een justitiële inrichting.
**2..** Gelet op artikel 2.3.3 Wmo 2015 geeft het college zo spoedig mogelijk een beschikking af na een tijdelijke inzet van een maatwerkvoorziening, zoals bedoeld in artikel 2.1 lid 3 en 4, voor maatschappelijke ondersteuning om spoedeisende redenen.
**3..** Het college neemt als nadere uitwerking van artikel 7 van de verordening, als dit van toepassing is, eveneens in de beschikking op dat er sprake is van een bruikleen-, huur- of dienstverleningsovereenkomst die aan de te verstrekken maatwerkvoorziening gekoppeld is.
**4..** Het college kan de beschikking tot toekenning van een maatwerkvoorziening intrekken indien de cliënt na verzoek daartoe kenbaar maakt de bruikleen-, huur- of dienstverleningsovereenkomst zoals bedoeld in lid 3 niet te willen te tekenen.
**5..** Indien de periode waarvoor een maatwerkvoorziening is toegekend afloopt, dient de cliënt of zijn vertegenwoordiger zelf het initiatief te nemen om, indien dit aan de orde is, tijdig een nieuwe ondersteuningsvraag in te dienen.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.5
Beschikking
Onderdeel van Besluit nadere regels jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning Venlo 2017