**1..** De subsidie voor woonhuizen en boerderijen zonder agrarische functie bedraagt 25% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 10.000,-. De subsidie voor boerderijen met agrarische functie, kastelen, buitenplaatsen, kerken, molens, gemalen en overige monumenten bedraagt 25% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 20.000,-.
**2..** Het college is bevoegd van de in het eerste lid genoemde maximale subsidie binnen een marge van 10% af te wijken, indien dat in een bijzonder geval in het belang van de monumentenzorg is en er geen dringende redenen zijn voor het aanhouden van de bedoelde bijdrage.
**3..** Het college houdt bij de beslissing op grond van artikel 3 rekening met bijdragen die op grond van enige andere regeling zijn of kunnen worden toegekend ten behoeve van de voorgenomen activiteiten en kosten.