Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 21

Jaarrekening

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Halte werk

1.. Het bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. 2.. Het bestuur zendt vóór 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten. 3.. De raden van de deelnemende gemeenten kunnen bij het bestuur hun bedenkingen over de voorlopige jaarrekening naar voren brengen. Het bestuur reageert gemotiveerd op deze bedenkingen en voegt de commentaren waarin deze bedenkingen zijn vervat bij de voorlopige jaarrekening. 4.. Het bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan gedeputeerde staten. Het bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling aan de raden van de deelnemende gemeenten. 5.. De vaststelling van de jaarrekening strekt het bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden.”

Rechtspraak bij dit artikel