Naar hoofdinhoud
Aanvulling artikel 3:4 CAR-UWO/Salarisverhoging Lid 2: Een periodieke salarisverhoging kan worden onthouden wegens onvoldoende functioneren. In dat geval dient daaraan een beoordeling ten grondslag te liggen, die het besluit kan dragen, te weten een beoordeling met een onvoldoende eindresultaat. Indien de medewerker door ziekte, langdurig verlof of niet aan de werkgever te wijten afwezigheid anderszins, gedurende tenminste zes maanden van het betreffende jaar niet daadwerkelijk heeft gewerkt, kan een periodieke salarisverhoging worden onthouden. Dit kan indien het functioneren van de medewerker onvoldoende kan worden vastgesteld of indien onvoldoende kan worden vastgesteld dat de ervaring van de medewerker in het bedoelde jaar in voldoende mate is toegenomen voor het toekennen van de periodieke salarisverhoging en – vanwege de afwezigheid – geen reële beoordeling kan worden opgesteld. Dit dient in een besluit onderbouwd en vastgelegd te worden. Lid 4: In aanvulling op artikel 3:4 lid 4 CAR-UWO wordt een periodieke salarisverhoging toegekend, met ingang van 1 januari van het jaar volgend op de aanstelling en nadien telkens op 1 januari van het volgend jaar, tenzij een afwijkende afspraak en/of periodiekmaand is afgesproken. Aanvulling artikel 3:6 CAR-UWO/Inpassing in hogere schaal Uitgangspunt bij inpassing in een hogere schaal (promotie) is dat er altijd sprake moet zijn van een hoger salaris dan het geval was geweest zonder promotie. Van een hoger salaris is sprake als het schaalbedrag in de naast hogere schaal zodanig wordt vastgesteld dat de verhoging minimaal 75% bedraagt van het verschil tussen het oude schaalbedrag en de naast hogere periodiek. Wordt de medewerker, vóór promotie of doorgroei, reeds betaald volgens het maximum van een schaal dan wordt in de naast hogere schaal het nieuwe schaalbedrag zodanig vastgesteld dat de verhoging minimaal 75% bedraagt van het verschil tussen het bedrag van de laatste periodiek en één na laatste periodiek uit de oude schaal. Indien de promotie tegelijk plaatsvindt met een periodieke verhoging wordt eerst lid 2 van dit artikel toegepast, en daarna wordt de reguliere periodieke verhoging toegekend. Aanvulling artikel 3:8 en 3:9 CAR-UWO/Functioneringstoelage respectievelijk Arbeidsmarkttoelage Ter uitvoering van het bepaalde in deze artikelen kan het college nadere regels vaststellen. Aanvulling artikel 3:15 CAR-UWO/Garantietoelage In aanvulling op artikel 3:15 CAR-UWO kan aan de medewerker, op grond van individuele omstandigheden, een garantietoelage worden toegekend indien de medewerker wordt geconfronteerd met een lager salaris en/of toelagen. Een individuele omstandigheid is onder andere de situatie dat waarin de functie van een medewerker als gevolg van herwaardering van een functie in een lagere schaal wordt ingedeeld. Een garantietoelage wordt niet toegekend in de situatie zoals opgenomen in artikel 3:5 CAR-UWO. De medewerker die een garantietoelage ontvangt, zoals bedoeld in artikel 3:15 CAR-UWO, blijft deze toelage ontvangen zolang de grondslag aanwezig is of totdat de periode is verstreken waarover de tijdelijke garantietoelage is toegekend, dan wel niet meer voldaan is aan de voorwaarden die aan de garantie zijn gesteld. In het besluit over de garantietoelage wordt een bepaling opgenomen over de hoogte en duur van de garantie. De garantietoelage wordt verrekend met de inschaling in de hogere functie op het moment dat de medewerker, aan wie een garantietoelage is toegekend, promotie maakt. Nadien toegekende periodieke verhogingen worden op de resterende garantietoelage in mindering gebracht. Bij verkleining van aanstellingsomvang wordt de garantietoelage naar evenredigheid verlaagd. De medewerker die een garantietoelage is toegekend vóór 1 januari 2017, blijft deze toelage ontvangen onder de voorwaarden waaronder ze zijn toegekend. Aanvulling artikel 3:20 CAR-UWO/Beloning uitstekend functioneren en/of prestaties Indien een medewerker een uitstekende kortdurende, eenmalige of bijzondere prestatie heeft geleverd, kan het college een gratificatie als bedoeld in artikel 3:20 van de CAR-UWO toekennen. Indien een groep medewerkers als collectief een uitstekende kortdurende, eenmalige of bijzondere prestatie heeft geleverd, kan het college een gratificatie als bedoeld in artikel 3:20 van de CAR-UWO toekennen. Aanvulling artikel 3:21 CAR-UWO/Reis- en verblijfkostenvergoeding Op de medewerker die werkzaam is bij gemeente Waalre is de regeling ‘Reis- en verblijfkosten’ van toepassing. Aanvulling artikel 3:22 CAR-UWO/Reiskostenvergoeding woon-werkverkeer Op de medewerker die werkzaam is bij gemeente Waalre is de regeling ‘Reis- en verblijfkosten’ van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel