Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › AFDELING 8

Artikel 2:28

Exploitatie openbare inrichting

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Nissewaard 2016

1.. Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2.. De burgemeester kan nadere regels dan wel nadere eisen stellen ten aanzien van de exploitatie van een openbare inrichting. 3.. De burgemeester weigert de vergunning indien de vestiging of exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met een geldend bestemmingsplan. 4.. In afwijking van artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren, indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. 5.. In afwijking van het bepaalde in artikel 2:10 beslist de burgemeester in geval van een vergunningaanvraag die betrekking heeft op een of meer bij de openbare inrichting behorende terrassen, voor zover deze zich op de weg bevinden, over de ingebruikneming van die weg ten behoeve van het terras. 6.. De burgemeester kan de ingebruikneming van de weg ten behoeve van een of meer bij een openbare inrichting horende terrassen weigeren indien: het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg dan wel gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan; dat gebruik een belemmering kan worden voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg. 7.. De burgemeester weigert een vergunningaanvraag indien de verklaring omtrent het gedrag niet kan worden overlegd. 8.. De burgemeester weigert een vergunningaanvraag indien de verklaring omtrent het gedrag hiertoe aanleiding geeft. 9.. De vergunning is persoonsgebonden. 10.. De vergunning is in de openbare inrichting aanwezig. 11.. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in: een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de horeca een nevenactiviteit is van de winkelactiviteit; een horecabedrijf in zorginstellingen; een horecabedrijf in musea; een bedrijfskantine of -restaurant; een uitvaartcentrum. 12.. Geen vergunning is vereist voor een terras, mits: het beoogde gebruik geen schade aan de openbare weg of risico voor de (verkeers)veiligheid oplevert; het terras is gesitueerd direct aansluitend of langs de voorgevel van de openbare inrichting; het terras niet breder is dan de voorgevel en niet dieper is dan 1 meter vanuit de voorgevel; voor voetgangers over de breedte van de voorgevel van de openbare inrichting een obstakelvrije doorgang van 1,80 meter op een trottoir en van 2,5 meter op een plein gewaarborgd blijft; brandkranen en andere waterwinplaatsen vrij toegankelijk blijven; vanuit de openbare inrichting ongehinderd zicht op het terras mogelijk is. 13.. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing op de vergunning bedoeld in het eerste lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel