Naar hoofdinhoud
1.. Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. 2.. Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht: een persoon moet behoren tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 7, eerste lid, onderdeel a van de Participatiewet; die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen; die persoon heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie; die persoon behoort niet tot een gezin met een inkomen of vermogen dat hoger is dan de bijstandsnorm of vermogensgrens zoals opgenomen in de wet; 3.. Het college kan advies inwinnen over het oordeel of een persoon tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort. De adviseur neemt daarbij de criteria genoemd in het tweede lid sub b en c in acht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel