**1..** Het college kan een belanghebbende als bedoeld in artikel 9, eerste lid van de wet, artikel 37, eerste lid van de IOAW of artikel 37, eerste lid van de IOAZ, met een grote afstand tot de arbeidsmarkt een tegenprestatie opdragen.
**2..** Bij de afweging of een tegenprestatie wordt opgedragen en bij het bepalen van de inhoud van de te verrichten werkzaamheden houdt het college rekening met:
de persoonlijke situatie en individuele omstandigheden van de belanghebbende;
het reeds verrichten van vrijwilligerswerk of mantelzorg;
de persoonlijke wensen en kwaliteiten van de belanghebbende;
het vermogen om de betreffende werkzaamheden daadwerkelijk uit te voeren;
de behoefte die ten aanzien van het verrichten van de werkzaamheden bestaat in de samenleving .
Hoofdstuk 3
Artikel 3.