Het niet, niet behoorlijk of niet tijdig voldoen aan de inlichtingenplicht is een overtreding die wordt gesanctioneerd met een boete of een waarschuwing. Het benadelingsbedrag is het uitgangspunt voor de hoogte van de boete.
Er wordt tijdig voldaan aan de inlichtingenplicht als de vereiste inlichtingen uit eigen beweging verstrekt worden binnen een termijn van uiterlijk vijf werkdagen gerekend vanaf het moment dat de inlichtingen voor belanghebbende beschikbaar zijn.
De hoogte van de boete wordt afgestemd op de ernst van de overtreding en de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten. Daarbij wordt rekening gehouden met de omstandigheden waaronder de overtreding is gepleegd en de financiële omstandigheden van de belanghebbende.
Belanghebbende wordt altijd in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze te geven op de geconstateerde feiten.
De hoogte van de boete, afhankelijk van de mate van verwijtbaarheid, wordt als volgt vastgesteld:
er wordt een boete van 100% van het benadelingsbedrag opgelegd indien sprake is van opzet. Van opzet is sprake als de belanghebbende de inlichtingenplicht welbewust heeft geschonden met de bedoeling een hogere uitkering te verkrijgen of te behouden dan waar recht op bestaat.
er wordt een boete van 75% van het benadelingsbedrag opgelegd als van grove schuld sprake is. Onder grove schuld wordt verstaan: een ernstige, aan opzet grenzende, mate van nalatigheid, waardoor ten onrechte of tot een te hoog bedrag aan bijstand is ontvangen.
er wordt een boete van 50% van het benadelingsbedrag opgelegd als de belanghebbende heeft nagelaten om een of meer wijzigingen van feiten en omstandigheden waarvan de belanghebbende weet of redelijkerwijs kan en behoort te weten dat deze van belang zijn voor de uitkering, tijdig en op de voorgeschreven wijze te melden;
er wordt een boete opgelegd van 25% van het benadelingsbedrag als uit de beoordeling van de individuele situatie blijkt dat er van verminderde verwijtbaarheid zoals omschreven in artikel 4 sprake is.
er wordt afgezien van een boete als uit de beoordeling van de individuele situatie blijkt dat verwijtbaarheid ontbreekt.
Artikel 2
Boete bij schending inlichtingenplicht
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet, IOAW en IOAZ Almere 2017