**1..** Degene die een overtreding, misdrijf of openbare orde verstorende handeling pleegt als hierna in hoofdstuk 3 bedoeld (hierna: de overtreder), moet bij de politie bekend zijn als overlastgever. Een ‘overlastgever’ wordt gedefinieerd als iemand die in de voorafgaande 24 maanden eerder minstens tweemaal 1 of meerdere strafbare feiten dan wel openbare orde verstorende handelingen heeft verricht of de voorafgaande 24 maanden een tijdelijke gebiedsontzegging conform artikel 2.78 Apv heeft gehad.
**2..** De overtreder wordt gehoord over zijn belang om in het aangewezen gebied aanwezig te zijn. Zijn verklaring wordt schriftelijk vastgelegd en toegevoegd aan het proces-verbaal.
Indien de overtreder kan aantonen dat hij een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden, worden het gebied of de tijden waarop het verbod van toepassing is dienovereenkomstig aangepast. In principe wordt het hele gebied aangewezen. Of iemand een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden, zal door betrokkene zelf moeten worden aangetoond. Doorgaans zal het daarbij gaan om belangen in de persoonlijke sfeer, zoals wonen, werken, het bezoek aan een huisarts, advocaat of hulpverleningsinstanties.
**3..** In het besluit tot opleggen van een gebiedsontzegging wordt aangegeven op welk feit of feiten de gebiedsontzegging is gebaseerd, alsmede voor welk tijdvak en gebied de ontzegging geldt.
Artikel 2
VOORWAARDEN INDIVIDUELE GEBIEDSONTZEGGINGEN
Onderdeel van BURGEMEESTERSBELEID GEBIEDSONTZEGGINGEN