De verordening verstaat onder:

a.. besluit: te coördineren besluiten als bedoeld in artikel 3.30, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening (Wro);

b.. coördineren: het gelijktijdig en in samenhang voorbereiden en bekendmaken van besluiten in één gezamenlijke procedure overeenkomstig de coördinatieregeling van Afdeling 3.6 van de Wro;

c.. gemeentelijk ruimtelijk beleid: ruimtelijk beleid zoals neergelegd in ruimtelijke visies, ruimtelijke (/stedenbouwkundige) plannen, beleidsnota's/-visies en kaders met inbegrip van daarmee naar aard en strekking te vergelijken documenten;

d.. bestemmingsplan: een plan als bedoeld in artikel 3.1 van de Wro daaronder mede verstaande een beheersverordening of wijzigingsplan of uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 3.6, lid 1, onder a respectievelijk b van de Wro;

e.. structuurvisie: een structuurvisie als bedoeld in artikel 2.1 van de Wro;

f.. bouwen: bouwen als bedoeld in artikel 1, eerste lid van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo);

g.. omgevingsvergunning: een vergunning als bedoeld in artikel 2.1 en 2.2 van de Wabo;

h.. aanvrager: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een aanvraag om een omgevingsvergunning heeft ingediend.