1.. Wethouders hebben recht op de vergoeding voor het gebruik van openbaar vervoer voor woon-werkverkeer overeenkomstig het bepaalde in artikel 3 lid 1a van de Regeling rechtspositie wethouders.

2.. De reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze verordening.