Naar hoofdinhoud
Ruiming, bezorging van overblijfselen en 1.Het voornemen van burgemeester en wethouders om een graf te ruimen wordt gedurende tenminste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden op en bij het te ruimen graf te plaatsen bordje ter kennis van de belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende op het graf aan hen bekend is. In dat geval delen zij mee, wanneer de termijn van uitgifte zal verstrijken. Als de rechthebbende geen verzoek indient om de termijn te verlengen, maken zij uiterlijk 1 jaar voor het genoemde tijdstip per brief het voornemen tot ruiming bekend. Toelichting De mededeling dat burgemeester en wethouders voornemens zijn om graven te ruimen wordt gedaan zowel aan de rechthebbenden op eigen graven als aan degenen die kozen voor een plaats in een algemeen graf. Zie verder hetgeen is vermeld in de toelichting op artikel 19, tweede lid. Iedere belanghebbende kan van zijn zienswijze doen blijken, bijvoorbeeld omdat het graf van historische betekenis is (zie artikel 22). Aan de rechthebbende op het graf moet ook worden medegedeeld, dat hij verlenging van de graftermijn kan vragen volgens artikel 28, eerste lid, van de wet. Hij kan ook vragen om de overblijfselen te doen verzamelen om weer in dezelfde grafruimte te doen plaatsen, dan wel elders bij te zetten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel