Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 19.

De aflossingscapaciteit voor vorderingen

Onderdeel van Beleidsregels terugvordering uitkeringen van de gemeente Noordoostpolder 2010

1.. Voor belanghebbenden met een inkomen tot 100% van het sociaal minimum wordt de aflossingscapaciteit vastgesteld op het volledige bedrag, dat resteert na toepassing van de beslagvrije voet, als bedoeld in artikel 475c en 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. 2.. Voor belanghebbenden met een inkomen boven 100% van het sociaal minimum wordt de afloscapaciteit vastgesteld op het in lid 1 bedoelde bedrag, verhoogd met 50% van het inkomen boven 100% van het sociaal minimum inclusief de netto-aanspraak op vakantietoeslag, die genormeerd wordt vastgesteld op grond van de artikelen 11 tot en met 14 van Regeling WWB. 3.. Voor belanghebbenden waarvan de vordering niet het gevolg is van het niet (geheel) nakomen van de inlichtingenverplichting en waarvan de uitkering is beeindigd in verband met uitstroom naar werk wordt, tot 1 jaar na beeïndiging van de uitkering, de afloscapaciteit vastgesteld als in lid 1 van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel