**1..** Aan de ambtenaar, die gesalarieerd wordt volgens een schaal met een lager maximumsalaris dan dat van schaal 11 en die, anders dan bij wijze van overwerk, regelmatig of vrij regelmatig arbeid verricht op tijden genoemd in artikel 3:3 van de CAR heeft recht op een vergoeding.
**2..** Met in achtneming van het bepaalde in artikel 3:3 van de CAR bedraagt de vergoeding per gewerkt uur een percentage van het voor de ambtenaar geldende salaris per uur en wel:
20% voor de uren op maandag tot en met vrijdag tussen 6 en 8 uur en tussen 18 en 22 uur:
40% voor de uren op maandag tot en met vrijdag tussen 0 en 6 uur en tussen 22 en 24 uur en op zaterdag;
65% voor de uren op zondag en feestdagen genoemd in artikel 4:2:1 van de Uitwerkingsovereenkomst
van de bezoldiging per uur, met dien verstande, dat genoemde percentages ten hoogste worden berekend over een bedrag gelijk aan de bezoldiging per uur van het maximum salaris per maand van schaal 6 van de bijlage II A.
**3..** De aanwijzing van ambtenaren, die voor een toelage in aanmerking komen geschiedt bij besluit van het bestuursorgaan. Daarbij kan van het bepaalde in de voorgaande leden worden afgeweken en kunnen terzake aanvullende regelingen worden gesteld.
**4..** Voor een aanwijzing ingevolge het vorige lid komen niet in aanmerking de ambtenaren, voor wie naar het oordeel van het bestuursorgaan bij de vaststelling van het loon of bij de regeling van de overige rechtstoestand rekening is gehouden met de onregelmatige dienst.