**1..** Aan de ambtenaar wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van de toelage wegens onregelmatige dienst, een blijvende verlaging ondergaat van tenminste 3% van zijn bezoldiging, wordt een aflopende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage, direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende tenminste 2 jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten.
**2..** Voor de toelage als bedoeld in het eerste lid geldt als berekeningsbasis het bedrag dat wordt verkregen door het bedrag dat de ambtenaar over 12 kalendermaanden, onmiddellijk voorafgaande aan de datum waarop de blijvende verlaging intreedt, gemiddeld per maand aan toelage onregelmatige dienst heeft genoten.
**3..** De duur van de aflopende toelage als bedoeld in het eerste lid bedraagt een vierde deel van de tijd dat de ambtenaar de toelage onregelmatige dienst zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten, met dien verstande dat de toelage als bedoeld in het eerste lid maximaal drie jaar bedraagt.
**4..** De uitkeringsduur wordt verdeeld in drie gelijke termijnen, waarbij - te beginnen met de eerste termijn - afronding naar boven op een hele maand plaatsvindt, met dien verstande dat hierdoor de ingevolge het tweede lid vastgestelde totaal duur van de uitkeringsperiode van de toelage niet mag worden overschreden.
De hoogte van de toelage als bedoeld in het eerste lid bedraagt gedurende de eerste termijn 75% gedurende de tweede termijn 50% en gedurende de derde termijn 25% van de berekeningsbasis als bedoeld in lid 2.
**5..** Aan de ambtenaar van 55 jaar of ouder, wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van de toelage wegens onregelmatige dienst, een blijvende verlaging ondergaat, wordt een blijvende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage, direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende tenminste 10 jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten.
**6..** De in het eerste lid bedoelde aflopende toelage gaat, wanneer de ambtenaar de leeftijd van 55 jaar heeft bereikt en hij, onmiddellijk vóór de aanvang van die toelage, gedurende tenminste 10 jaren zonder wezenlijke onderbreking een toelage onregelmatige dienst heeft genoten, over in een blijvende toelage, bedoeld in het vorige lid.
**7..** De blijvende toelage als bedoeld in lid 5 bedraagt 100% van de berekeningsbasis. Bij overgang van de aflopende toelage in een blijvende toelage als bedoeld in lid 6 blijft de laatstgenoemde toelage bepaald op het percentage van de berekeningsbasis, dat voor de aflopende toelage als bedoeld in lid 4 laatstelijk voor hem van toepassing was.
**8..** Voor de toepassing van de vorige leden wordt onder wezenlijke onderbreking verstaan een onderbreking langer dan twee maanden.