Naar hoofdinhoud
1.. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht (Awb) of de overige in deze beleidsregels aangehaalde wetten en regelingen. 2.. In dit besluit wordt verstaan onder: algemene bijstand: bijstand in het kader van levensonderhoud op grond van de Participatiewet; belanghebbende: de persoon die een uitkering aanvraagt op grond van de Participatiewet of een bijstandsuitkering ontvangt op grond van de Participatiewet; besluit taaltoets: het Besluit taaltoets Participatiewet; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland; formeel taaltraject: intensief taaltraject, bij een professionele taalaanbieder, dat tot doel heeft de belanghebbende op korte termijn de Nederlandse taal te laten beheersen op 1F (A2) niveau. Dit taaltraject is gericht op het behalen van een diploma; referentieniveau 1F: het fundamentele niveau (F-niveau) taal en rekenen volgens de richtlijnen van de Rijksoverheid. Dit niveau is vergelijkbaar met taalniveau A2; schriftelijke kennisgeving: de schriftelijke kennisgeving als bedoeld in artikel 18b, vierde lid van de Wet; taaltrajectplan: een plan dat in samenspraak met belanghebbende wordt opgesteld waarin staat wat het startniveau van belanghebbende is, welk niveau haalbaar is, hoe lang belanghebbende nodig heeft om dit niveau te bereiken en hoe de voortgang wordt gemonitord; taaltoets: de toets, als bedoeld in artikel 18b, tweede lid van de Wet, die het college bij de belanghebbende afneemt om te beoordelen of hij de Nederlandse taal in voldoende mate beheerst; uitkering: bijstand op grond van de Participatiewet; voldoende beheersing: beheersing van de Nederlandse taal op minimaal het referentieniveau 1F (A2) als vastgesteld op grond van artikel 2, eerste lid, van de Wet referentieniveaus Nederlandse taal: Nederlandse taal en rekenen en het Besluit referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen; voldoende inspanning: bij een formeel taaltraject: het volgen door de belanghebbende van minimaal 80% van de taallessen en het tonen van een positieve en constructieve houding en gedrag gedurende het taaltraject; voortgang: indien de belanghebbende na het opnieuw afleggen van de taaltoets op minimaal 1 extra vaardigheid, ten opzichte van de laatst afgenomen taaltoets, de Nederlandse taal op niveau 1F (A2) beheerst.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel