Indien de uitkomst van de taaltoets uitwijst dat belanghebbende niet aan de taaleis voldoet, dan wordt de volgende procedure gevolgd:
belanghebbende wordt uitgenodigd voor een gesprek.. Tijdens dit gesprek wordt de uitslag van de taaltoets besproken en wordt in samenspraak met belanghebbende bepaald hoe hij naar het gewenste taalniveau gaat toewerken. Een en ander wordt vastgelegd in een taaltrajectplan;
het ondertekenen van het taaltrajectplan wordt gezien als de bereidverklaring als bedoeld in artikel 18b, zesde lid, van de Participatiewet;
belanghebbende ontvangt binnen 8 weken na het moment dat de uitslag van de toets bekend is een schriftelijke kennisgeving van het redelijk vermoeden dat hij de Nederlandse taal niet beheerst op referentieniveau 1F.
Artikel 6