Naar hoofdinhoud
Er wordt geen taaltoets afgenomen indien: belanghebbende ingevolge artikel 2 reeds voldoet aan de taaleis; vastgesteld kan worden dat elke vorm van verwijtbaarheid om aan de taaleis te voldoen ontbreekt; tijdens een vorige uitkeringsperiode al een toets is afgenomen en is vastgesteld dat belanghebbende de Nederlandse taal beheerst; tijdens een vorige uitkeringsperiode al een toets is afgenomen waarbij is vastgesteld dat belanghebbende de Nederlandse taal onvoldoende beheerst en eveneens is vastgesteld dat belanghebbende door in de persoon gelegen factoren niet in staat is deze op referentieniveau 1F machtig te worden; belanghebbende in een andere gemeente een uitkering had en in die gemeente reeds is getoetst op referentieniveau 1F en deze toets resultaten overgenomen kunnen worden, tenzij deze resultaten onvoldoende zekerheid bieden over de actuele taalvaardigheid; sprake is van kortdurende bijstand zoals bij op handen zijnde emigratie, het op korte termijn bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd, of bij een ongeneeslijke terminale ziekte; belanghebbende inburgering plichtig is en een inburgeringstraject volgt, dan wel binnen drie maanden na ontvangst van de bijstandsaanvraag met een dergelijk traject gaat starten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel