Naar hoofdinhoud

Artikel 15

Het Flexibele Werken

Onderdeel van Regeling werktijden 2017

1.. In afwijking van het bepaalde in artikel 3 maken de medewerker en zijn direct leidinggevende in het kader van Het Flexibele Werken tenminste eenmaal per jaar afspraken over de verdeling van de uren per week en de flexibiliteit in de uitvoering van de werkzaamheden en de plaats van uitvoering van de werkzaamheden. 2.. De in het eerste lid bedoelde gezamenlijke afspraken dienen een resultante te zijn van het dienstbelang en de belangen van de werknemer en hebben de overeenstemming van de medewerker en de leidinggevende. 3.. De in het eerste lid bedoelde afspraken dienen schriftelijk te worden vastgelegd en voor akkoord te worden ondertekend door de medewerker en de leidinggevende. Een eenzijdig verzoek tot aanpassing van de afspraken kan eerst na zes maanden na de ondertekening worden besproken. 4.. Indien toepassing wordt gegeven aan Het Flexibele Werken maakt de medewerker geen gebruik van het elektronisch tijdregistratiesysteem als bedoeld in artikel 7 behalve voor het registreren van zijn aan- en afwezigheid. 5.. Het afdelingshoofd ziet op grond van zijn verantwoordelijkheid voor de voortgang van de werkzaamheden, alsmede de dienstverlening aan de burgers van de gemeente, de bedrijven en de instellingen, alsmede voor de interne dienstverlening toe op een zorgvuldige toepassing van Het Flexibele Werken. 6.. Onder de in lid 5 bedoelde zorgvuldige toepassing valt in ieder geval de aanwezigheid van de medewerker in verband met de aanvaardbare bezetting gedurende de bedrijfstijd zonder dat daarbij de zelfregelruimte van de medewerker ernstig wordt beperkt. In die gevallen waar er geen overeenstemming kan worden bereikt met de medewerker, kan het afdelingshoofd verzoeken de functie toe te voegen aan Bijlage A of Bijlage B van deze regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel