Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.3

Sanctiestrategie

Onderdeel van Integrale uitvoeringsnotitie Handhaving 2017 gemeente Schiedam

Om naleving van de regelgeving af te dwingen staan zowel bestuursrechtelijke als strafrechtelijke instrumenten ter beschikking. In de sanctiestrategie staat beschreven wanneer en welke middelen worden ingezet. Voor diverse deelgebieden zijn er afzonderlijke sanctiestrategieën opgesteld en vast gelegd. 4.3.1 Landelijke Handhavingstrategie In 2014 is door onder andere de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, het Openbaar Ministerie (OM), de nationale politie en de omgevingsdiensten, gezamenlijk één Landelijke Handhavingstrategie (LHS) ontwikkeld op basis waarvan gemeenten, omgevingsdiensten, het OM en de politie voortaan op eenduidige manier optreden bij geconstateerde overtredingen. De strategie komt voort uit de behoefte van de betrokken instanties om eenduidig handhavend op te treden en de afstemming van bestuurs- en strafrecht te optimaliseren (bijlage III). Uitgangspunten De Landelijke Handhavingstrategie is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: Onafhankelijkheid (sterke, slagkrachtige en onafhankelijke handhavinginstanties); Professionaliteit en vakmanschap (training, opleiding, kennis- en informatie-uitwisseling); Betrouwbaarheid (beginselplicht tot handhaven en verantwoording afleggen); Eenvoud (een passende interventie bij iedere bevinding en hoe daartoe te komen); Gezamenlijkheid (overleg, afstemming en planmatig en informatiegestuurd gezamenlijk optreden). De Landelijke Handhavingstrategie bevat een stappenplan voor het bepalen van de reactie/interventie op een bevinding. De reactie/interventie is afhankelijk van de (mogelijke) gevolgen van de bevinding en het gedrag van de overtreder. Daarbij worden ook eventuele verzwarende (of verlichtende) aspecten meegewogen. De strategie gaat uit van het in principe zo licht mogelijk starten met interveniëren, gericht op herstel en het vervolgens snel inzetten van zwaardere interventies als naleving uitblijft. Daarnaast is overleg over de toepassing van het bestuurs- en/of strafrecht geregeld. Handhavingsorganisaties kiezen afhankelijk van de situatie weloverwogen voor alleen bestuursrechtelijk, bestuurs- èn strafrechtelijk of alleen strafrechtelijk optreden. Uitgangspunt is dat het bestuur en het OM, elk handelend vanuit de eigen verantwoordelijkheid, hun handelen afzonderlijk en in combinatie richten op het naleven van wet- en regelgeving. De gemeente Schiedam heeft in 2013 al gekozen om de Landelijke Handhavingstrategie te implementeren voor het gehele handhavingsveld Wabo. Hoewel de LHS primair ontwikkeld is vanuit het omgevingsrecht is de LHS ook breder toepasbaar. Gezien de doelstelling om de handhavingsorganisatie verder te professionaliseren wordt de LHS, voor zover mogelijk, ook geïmplementeerd voor de andere handhavingsvelden. Zo wordt de in de LHS genoemde interventiematrix gehanteerd om te bepalen welk middel het meest geschikt is om de overtreding ongedaan te maken. 4.3.2 Stappenplan bestuursrechtelljk optreden Alle overtredingen worden in beginsel volgens een driestappenplan afgehandeld. De strategie kent de volgende stappen: Na constatering krijgt de overtreder een bestuurlijke waarschuwing en wordt hij geïnformeerd over het gewenste naleefgedrag. Er worden afspraken gemaakt over het beëindigen of, indien mogelijk, legaliseren van de illegale situatie. Blijkt bij hercontrole dat de overtreding nog niet ongedaan is gemaakt of dat er sprake is van een hernieuwde overtreding, dan wordt een vooraankondiging voor een handhavingsbesluit naar de overtreder verstuurd. In deze vooraankondiging wordt de overtreder een termijn gesteld om een zienswijze op de vooraankondiging in te dienen. Daarna volgt een formeel handhavingsbesluit. Tegen dit besluit staan rechtsmiddelen open (bezwaar en beroep) Op de hiervoor beschreven basislijn (driestappenplan) zijn uitzonderingen mogelijk, waardoor het aantal stappen wordt teruggebracht en er dus sneller wordt overgegaan tot een handhavingsbesluit: Uitzondering: tweestappenplan Er wordt volgens het tweestappenplan gewerkt indien er geen ruimte is voor een bestuurlijke waarschuwing. Dit houdt in dat direct na constatering van de overtreding een vooraankondiging voor een handhavingsbesluit wordt verzonden. Dit kan zich voordoen indien sprake is van aantoonbaar verwijtbaar handelen, of indien duidelijk is dat de overtreder niet bereid is om de overtreding ongedaan te maken. Uitzondering: éénstappenplan Indien sprake is van overtredingen met acuut gevaar en/of onomkeerbare en/of veiligheidsgevolgen (ernstige overlastsituaties) die direct optreden vereisen, wordt er direct opgetreden met een handhavingsbesluit (stap 3). Van spoedeisende situaties is onder andere (niet limitatief) sprake bij: Levensbedreigende situaties (bijvoorbeeld bij instortingsgevaar); Illegale lozingen en andere ernstige milieubedreigende situaties; Brandgevaarlijke situaties die acuut levensbedreigend kunnen zijn; Het stilleggen van de bouw in geval van illegale bouw of onvoorziene veiligheid- of gezondheidssituaties tijdens vergunde bouwwerkzaamheden; Aantasting van monumentale waarden; Illegale grondbewerking; Bedreiging van de openbare orde; Illegale sloop (bijvoorbeeld met asbest) of onvoorziene veiligheid- of gezondheidssituaties tijdens vergunde sloopwerkzaamheden; Uitzondering:Landelijk bepaald sanctiebeleid De Participatiewet is leidend voor het toepassen van sancties bij het niet naleven van de bepalingen van deze wet. Het college heeft geen ruimte om daarvan af te wijken. Wel laat de Participatiewet toe dat een zogenaamde termijn van orde wordt gesteld, waarin betrokkene de gelegenheid wordt geboden om de overtreding te beëindigen.

Rechtspraak bij dit artikel