Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 9.

Subsidiabele activiteiten en verdeelregels Vrijwilligersondersteuning

Onderdeel van Subsidieregeling Algemene Voorzieningen Wmo en Jeugd 2018

1.. Het college kan subsidie verlenen voor structurele activiteiten die erop gericht zijn om vrijwilligers te coördineren, begeleiden, opleiden en coachen bij de uitvoering van hun vrijwilligerswerk, zodat zij ondersteund en toegerust zijn. 2.. Indien toewijzing van alle aanvragen die voldoen aan deze regeling leidt tot een overschrijding van het subsidieplafond voor de functie Vrijwilligersondersteuning, rangschikt het college de aanvragen aan de hand van de navolgende criteria en wegingsfactoren: a.. De mate waarin in de aanvraag aannemelijk is gemaakt dat de ondersteuning die door vrijwilligers wordt geboden voorziet in de behoeften van (kwetsbare) inwoners (wegingsfactor 3); b.. De mate waarin in de aanvraag aannemelijk is gemaakt dat voorzien wordt in de behoefte van de vrijwilligers (wegingsfactor 3); c.. De mate waarin sprake is van een evenwichtige verhouding tussen de aard en omvang van de vrijwilligerscoördinatie in relatie tot de aard en omvang van de ondersteuning die de vrijwilligers aan inwoners bieden (wegingsfactor 2); d.. De mate waarin sprake is van een aantoonbare ontwikkeling in de zelfredzaamheid en de participatie van inwoners (wegingsfactor 3); e.. De mate waarin sprake is van samenwerking met andere vrijwilligersorganisaties, bijvoorbeeld ten aanzien van deskundigheidsbevordering (wegingsfactor 2); f.. De mate waarin sprake is van samenwerking met andere sociale partners (formeel en informeel), met het knooppunt vrijwilligers en verenigingen, met het platform Ertoe doen en/of met Centra voor Jeugd en Gezin, met Sociale Wijk Teams/Centra voor Maatschappelijk Ondersteuning (wegingsfactor 1). 3.. Per criterium kunnen 0-4 punten worden gehaald, waarbij geldt: 0:onvoldoende, 1:matig, 2:voldoende, 3:goed, 4:uitstekend. De aanvragen worden gehonoreerd op basis van de rangschikking. 4.. Indien er een gelijke totaalscore ontstaat, wordt van deze subsidieaanvragen de subsidieaanvraag met de meest behaalde punten op het criterium met de zwaarste wegingsfactor aangemerkt als de hoogste in rangorde. Indien de totaalscore lager is dan 55 procent van de maximaal mogelijk te behalen totaalscore kan de aanvraag worden geweigerd. De aanvraag kan worden geweigerd wanneer niet minstens een voldoende behaald wordt op een van de beoordelingscriteria met wegingsfactor 3. 5.. Indien de rangorde in relatie tot het subsidieplafond uitwijst dat door toekenning van de subsidieaanvragen geen dekkende en evenwichtige spreiding van de functie gerealiseerd kan worden, kan worden besloten de subsidieaanvragen niet of deels te honoreren tot er sprake is van een dekkende en evenwichtige spreiding van de betreffende functie.

Rechtspraak bij dit artikel