1.. In dit artikel wordt verstaan onder:

  • - Wet: de Wet op de kansspelen;
  • - Speelautomaat: automaat als bedoeld in artikel 30, onder a, van de Wet;
  • - Kansspelautomaat: automaat als bedoeld in artikel 30, onder c, van de Wet;
  • - Hoogdrempelige inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 30, onder d, van de Wet;
  • - Laagdrempelige inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 30, onder e, van de Wet.

2.. In hoogdrempelige inrichtingen zijn 2 speelautomaten toegestaan, waarvan maximaal twee kansspelautomaten.

3.. In laagdrempelige inrichtingen zijn 2 speelautomaten toegestaan, met dien verstande dat kansspelautomaten in het geheel niet zijn toegestaan.