**1..** In het geval de ambtenaar wordt benoemd in een functie van een lager niveau dient de (ontvangende) dienst er in overleg met de ambtenaar naar te streven maatregelen te treffen die gericht zijn op het terugbrengen van de ambtenaar op het oorspronkelijke functionele niveau. Die maatregelen kunnen onder meer betrekking hebben op om- en bijscholing en kunnen voorts zijn gericht op verrijking van de functie, bijvoorbeeld door in te spelen op toekomstige ontwikkelingen. De ambtenaar is verplicht aan deze maatregelen mee te werken, voor zover dit met het oog op zijn persoonlijkheid en omstandigheden redelijkerwijs van hem kan worden verlangd.
**2..** Indien dit voor het vervullen van de functie dan wel voor het vergroten van diens benoemingsmogelijkheden nodig is, zal het diensthoofd de ambtenaar in de gelegenheid stellen om voor rekening van de gemeente om- en bijscholing te ontvangen. De ambtenaar kan tot het volgen van zodanige scholing worden verplicht, tenzij hem die verplichting in verband met zijn persoonlijkheid en omstandigheden redelijkerwijs niet kan worden opgelegd.