**1..** Het college stemt de inburgeringsvoorziening of de taalkennisvoorziening aan de inburgeringsplichtige als bedoeld in artikel 3 onder a zo goed mogelijk af op het startniveau, de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de maatschappelijke positie van de inburgeringsplichtige.
**2..** Ten aanzien van een inburgeringsvoorziening voor een inburgeringsplichtige als bedoeld in artikel 3 onder b, geldt het bepaalde in artikel 4.24 van het Besluit inburgering zoals dit luidde op 31 december 2012.
**3..** Indien de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a een voorziening gericht op arbeidsinschakeling wordt aangeboden, draagt het college er zorg voor dat de inburgeringsvoorziening op de voorziening gericht op arbeidsinschakeling wordt afgestemd.
**4..** Aan de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a biedt het college maatschappelijke begeleiding aan.
**5..** Een inburgeringsvoorziening of een taalkennisvoorziening voor een inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a kan, naast datgene dat in de wet is geregeld, een of meer van de volgende onderdelen bevatten:
activiteiten gericht op arbeid of de verwerving daarvan zoals stages, regulier of gesubsidieerd betaald werk, vrijwilligerswerk, bemiddeling naar arbeid, etc.;
activiteiten gericht op vervolgopleiding of voorbereiding daarop;
activiteiten gericht op participatie, gezin en zelfredzaamheid.