De activiteiten ter voorbereiding op het uitvoeren van voorschoolse educatie, bedoeld in artikel 4 lid 1 onder a, bestaan uit:

a. het opleiden van de beroepskrachten voorschoolse educatie tot startbekwaam volgens de Amsterdamse norm;

b. het aanschaffen van een methode voor voorschoolse educatie die is opgenomen in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut en

c. het aanschaffen van een daarop aansluitend kindvolgsysteem.