bb. De marktplaats dient te worden ingericht als verkooppunt, waarbij:

1. de plaats één uur na toewijzing dient te zijn ingericht;

2. de plaats als eenheid wordt benut;

3. de inrichting en handelswaar in overtuigende zin aan de plaatshouder toebehoort;

4. aan de achterzijde van de kraam geen goederen worden aangeboden of verkocht;

5. het bevestigen van overspanningen of luifels is verboden;

6. met uitzondering van zonneluifels van goedgekeurd model (60 cm.);

7. het hebben van koopwaar, borden en reclamemateriaal op of buiten de kap is verboden;

8. de achterzijde van de kraam uitsluitend afgesloten mag worden met een demontabel zeil

en/of aanvoermateriaal of voertuig

cc. De vergunninghouder is verantwoordelijk voor het afvoeren van voor het op zijn marktplaats

veroorzaakte afval en is verplicht vervuiling op of in de directe omgeving van zijn marktplaats op eigen

initiatief of op eerste aanwijzing van de marktmeester of een ander daartoe aangewezen ambtenaar

onverwijld op te ruimen;

dd. Tijdens de duur van de markt een vuilniszak bij zijn kraam zichtbaar aanwezig te hebben en daarin het restafval van zijn marktplaats onmiddellijk in te verzamelen;

ee. Na afloop van de markt zijn afval mee te nemen;

ff. Het dagelijks bestuur kan nadere regels stellen omtrent voorzieningen voor marktafval.