In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
Aardgasvrije woning: een bestaande woning waar de aardgasaansluiting verwijderd is en waarin op elektra gekookt wordt;
Afsluiting: het door de netbeheerder (laten) verwijderen of afsluiten van de aardgasaansluiting waardoor de woning, complex van woningen of het maatschappelijk vastgoed geen gebruik meer kan maken van aardgas;
ASA: Algemene subsidieverordening van de gemeente Amsterdam van 2013;
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam;
Complex: meerdere woningen in hetzelfde gebouw, die aangesloten zijn op een gezamenlijk netwerk waarmee de woningen worden voorzien van aardgas;
Coöperatieve flatvereniging: een coöperatie, die als rechtspersoon eigenaar is van een flatgebouw, waarbij de bewoners de leden zijn van de coöperatie en ieder afzonderlijk bij de coöperatie een lidmaatschapsrecht gekocht hebben om een woning in de flat te kunnen bewonen;
DAEB-vrijstellingsbesluit: het Besluit van de Europese Commissie van 20 december 2011, betreffende de toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor openbare dienst, verleend aan bepaalde, met beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen (PbEU C9380)), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving;
De-minimisverordening: Verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PB EU L 352 van 24.12. 2013), met inbegrip van eventueel in de toekomst vast te stellen wijzigingen;
Gebouwgebonden maatregelen: maatregelen die in het kader van deze subsidieregeling op, in of aan de woning en/of complex worden uitgevoerd;
Kleinschalige transformatie: het realiseren van maximaal 25 woningen in bestaand vastgoed dat eerst geen woning was;
Maatschappelijk vastgoed: een gebouw met een publieke functie op het gebied van onderwijs, sport, cultuur, welzijn, maatschappelijke opvang of zorg;
Meerkosten: extra kosten die gemaakt worden om een aardgasvrije situatie te creëren, met als referentie doorexploiteren of opnieuw investeren in een situatie mét aardgas. Uitgangspunt zijn wettelijke kwaliteitseisen of het gangbare minimum. Meerkosten zijn de kosten daar bovenop;
NOM-woning: een nul-op-de-meter-woning is een woning waarin minimaal net zoveel energie wordt opgewekt (door zon, wind of warmtepompen) als verbruikt, gemiddeld genomen over een jaar tijd;
Onderneming: Onderneming als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de de-minimisverordening, uitgezonderd woningcorporaties;
Organisatie met publieke functie: een rechtspersoon zonder winstoogmerk, statutair gericht op een maatschappelijk belang met een publieke functie op het gebied van onderwijs, sport, cultuur, welzijn, maatschappelijke opvang of zorg;
Woning: een gebouw dat voor bewoning is bestemd met de daarbij horende grond of een afzonderlijk gedeelte van een gebouw, welk gedeelte tot bewoning is bestemd, dat als een zelfstandige woning zoals bedoeld in artikel 7:234 BW wordt aangemerkt, of een woonboot;
Woonboot: een woonboot met een ligplaatsvergunning, zoals bedoeld in Hoofdstuk 2, Paragraaf 3, van de Verordening op het binnenwater 2010;
Woningcorporaties: Toegelaten instellingen zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet en het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015.
Hoofdstuk
Artikel 1