Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2.1

Over te leggen informatie

Onderdeel van Bijzondere subsidieverordening voor opvang en begeleiding van kwetsbare burgers

1.. De subsidieaanvrager maakt gebruik van door het college vastgestelde aanvraagformulieren, welke het college uiterlijk 1 juni voorafgaand aan het subsidiejaar beschikbaar stelt. 2.. Onverminderd het bepaalde in artikel 4:64 van de Awb en artikel 5, tweede lid, van de ASA 2013 worden bij de subsidieaanvraag in ieder geval de volgende gegevens en stukken overgelegd: een begroting voor het subsidiejaar, bestaande uit een overzicht van de geraamde inkomsten en uitgaven per product; het productievolume per product, uitgedrukt in de door het college vastgestelde teleenheid alsmede het gevraagde subsidiebedrag per teleenheid per product, voor zover het college een teleenheid heeft vastgesteld; de prestaties per product, uitgedrukt in de door het college vastgestelde prestatie-indicatoren; een productbeschrijving, waarin onder meer doelen, activiteiten, methodieken, doelgroepen en eventuele door de subsidieaanvrager gehanteerde contra-indicaties worden vermeld; de wijze waarop de subsidieaanvrager cliënttevredenheid meet; een bestuursverklaring.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel