Het onderzoek richt zich op het verzamelen van zoveel mogelijk gegevens over de persoonlijke situatie van de burger met een hulpvraag, voor zover deze relevant zijn voor de beoordeling van de hulpvraag. De positie van een eventuele mantelzorger maakt hier deel van uit.
Is er sprake van een eenvoudige vraag en voldoende regie, dan kan de medewerker Team Wmo deze vraag afhandelen. In het geval zorgvragers problemen ervaren in meerdere leefwerelden (complexe zorgvraag), en niet in staat zijn deze aan te pakken (onvoldoende regie), draagt het loket deze over aan de coach sociaal team.
De burger kan zich tijdens het onderzoek laten bijstaan door iemand uit zijn eigen omgeving of een cliëntondersteuner. De medewerker Team Wmo wijst de burger op de mogelijkheid van gratis beschikbare cliëntondersteuning.
Het onderzoek kan beknopt zijn als er sprake is van een eenvoudige ondersteuningsvraag. In principe maakt een gesprek met de zorgvrager over diens hulpvraag, deel uit van het onderzoek. Bij voorkeur bij de zorgvrager thuis, om zodoende de thuissituatie mee te nemen in de afweging. Bij complexere ondersteuningsvragen kan het onderzoek uit meerdere gesprekken bestaan.
Het onderzoek richt zich op ondersteuningsvragen cq domeinen van zorg die onder de reikwijdte van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 vallen. Daarnaast inventariseert de medewerker Team Wmo ook ondersteuningsvragen in andere leefwerelden, en geeft deze een plek in het integrale plan (één huishouden, één plan), dat hij afstemt met de desbetreffende professionals. Het onderzoek omvat de volgende stappen: vraagverheldering en afwegen.
Tijdens het gesprek maakt de medewerker Team Wmo een complete inventarisatie waarbij in ieder geval de volgende punten aan de orde moeten komen:
de beperking, het chronisch psychisch probleem of het psychosociaal probleem dat aanleiding geeft tot een vraag naar ondersteuning
de mogelijkheden van zorgvrager ondanks de beperking of het probleem; m.a.w. wat kan hij nog wel, wat gaat er nog goed
de onmogelijkheden die de zorgvrager ondervindt als gevolg van het probleem of de beperking
de resultaten die zorgvrager wil bereiken
al hetgeen zorgvrager inmiddels zelf heeft ondernomen om bestaande belemmeringen op te lossen
de mogelijkheden waarover zorgvrager beschikt om deze resultaten te bereiken via eigen oplossingen, het sociale netwerk, gebruikelijke hulp of algemene voorzieningen (lees §2.4)
de zorgvrager kan vooraf geen aanspraak maken op een specifieke voorziening; er bestaan vaak meerdere mogelijkheden om bijvoorbeeld een vervoersprobleem op te lossen.
Op de vraagverheldering volgt de fase van afwegen: kan de zorgvrager zijn probleem oplossen op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, wettelijk voorliggende of algemene voorzieningen? Bij het zoeken naar mogelijke oplossingen dient onderstaand afwegingskader als leidraad.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Onderzoek en gesprek
Onderdeel van Beleidsregels Voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Delft 2017