**1..** Het college ziet af van het opleggen van een verlaging indien:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of
de gedraging meer dan 12 maanden voor constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden; of
belanghebbende inmiddels geen bijstandsuitkering meer ontvangt, tenzij de belanghebbende binnen een periode van 12 maanden opnieuw een bijstandsuitkering gaat ontvangen. In dat geval wordt een besluit genomen over het alsnog toepassen dan wel afzien van een verlaging op dat moment; of
het college dringende redenen aanwezig acht.
**2..** Indien het college afziet van het opleggen van een verlaging op grond van dringende redenen, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk mededeling gedaan.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 6.
Afzien van het opleggen van een verlaging
Onderdeel van Verordening Afstemming Participatiewet 2017