Door of namens het college kan een verleende reclamevergunning, nadat de vergunninghouder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze met betrekking tot het voornemen de vergunning in te trekken weer te geven, worden ingetrokken, indien:
de zaak waarop of waaraan het reclameobject is geplaatst waarvoor reclamevergunning is verleend een verandering ondergaat en door het handhaven van de opschriften, aankondigingen, verwijzingen, afbeeldingen, objecten en dergelijke de omgeving naar het oordeel van het college wordt ontsierd en hieraan door het stellen van voorschriften niet kan worden tegemoet gekomen;
ter verkrijging van een reclamevergunning onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;
de aan de reclamevergunning verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;
van de reclamevergunning gedurende 26 weken na dagtekening van verlening geen gebruik is gemaakt ofwel indien na aanvankelijk gebruik van de reclamevergunning hiervan gedurende 26 achtereenvolgende weken geen gebruik is gemaakt;
de zaak waarvoor een reclamevergunning is verleend geen betrekking meer heeft op het bedrijf of beroep dat in de zaak wordt uitgeoefend;
indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de reclamevergunning, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming, waarvan de reclamevergunning is vereist;
de vergunninghouder of diens rechtverkrijgende dit verzoekt.
HOOFDSTUK 3
Artikel 3:7
Intrekking van de reclamevergunning
Onderdeel van Reclameverordening gemeente Emmen 2014