Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 7.

Verplichtingen subsidieaanvrager.

Onderdeel van Verordening re-integratiesubsidies gemeente Venray

1.. De werkgever zorgt voor een goede begeleiding van de belanghebbende voor wie loonkostensubsidie wordt verstrekt. Een functiegerichte scholing kan onderdeel vormen van deze begeleiding. De mate en duur van de begeleiding wordt afgestemd op de persoonlijke omstandigheden en kenmerken van de betreffende belanghebbende. 2.. De werkgever is verplicht de belanghebbende in staat te stellen datgene te ondernemen wat nodig is voor de uitstroom naar reguliere arbeid. 3.. De werkgever verstrekt eenmaal per drie maanden bewijsstukken waaruit het voortduren van de arbeidsovereenkomst en de daaruit voortvloeiende verplichtingen blijkt. Deze bewijsstukken worden uiterlijk binnen vier weken na afloop van de periode van drie maanden overgelegd. 4.. De werkgever is verplicht om onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling te doen van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op de aanspraak op loonkostensubsidie. De werkgever is verplicht om onvoldoende functioneren van belanghebbende direct te melden bij het college. 5.. De werkgever is verplicht om de met belanghebbende gesloten arbeidsovereenkomst, bij voldoende functioneren, aansluitend aan de gesubsidieerde periode om te zetten in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd of anderszins, in ieder geval voor een minimale periode van drie maanden, te verlengen. Dit is slechts anders bij zodanig ten nadele gewijzigde bedrijfseconomische omstandigheden dat voortzetting van de arbeidsovereenkomst in redelijkheid niet gevergd kan worden van de werkgever. 6.. De werkgever voert een zodanige administratie dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen blijken, alsmede de betalingen en ontvangsten met betrekking tot de belanghebbende. In het kader daarvan kan de verplichting worden opgelegd om een schriftelijke verklaring van een accountant te overleggen, als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, omtrent de getrouwheid van de in artikel 393 bedoelde bescheiden dan wel een mededeling dat van onjuistheden niet is gebleken. 7.. De werkgever verleent medewerking aan onderzoeken die het college in het kader van subsidiering nodig acht; de medewerking strekt zover als redelijk en naar omstandigheden mogelijk is. 8.. Het college kan bij de subsidieverlening aan de werkgever, zonodig in afwijking van het bepaalde in deze verordening, andere verplichtingen opleggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de loonkostensubsidie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel