Algemeen
Elk jaar wordt door Monet – de organisatie van de gezamenlijke mobiele netwerkoperators – het opgestelde plaatsingsplan geactualiseerd. Dit plaatsingsplan is opgesteld op basis van de afzonderlijke dekkings- of radioplannen van de vijf netwerkoperators, waarbij rekening wordt gehouden met de door gemeenten – waaronder ook Bloemendaal – vereiste sitesharing (medegebruik door meerdere operators van één zendlocatie).
De overwegingen van een netwerkoperator voor de locatiekeuze voor een zendmast worden in eerste instantie gebaseerd op dit plaatsingsplan. Aanzienlijk afwijken van het plaatsingsplan zal tot gevolg hebben dat de radioplannen van meerdere operators niet meer de vereiste dekkingsnorm zullen halen. Afwijken is dan ook slechts in beperkte mate mogelijk, tot hooguit 100 meter. Om deze reden vormt het plaatsingsplan doorgaans het uitgangspunt bij aanvragen om bouwvergunningen voor antenne-installaties.
b.Bloemendaals beleid
In de vergadering van de commissie ROVEM van 8 juli 1999 werd door een lid van die commissie geïnformeerd naar het beleid betreffende gsm-masten. Hierop werd door het toenmalige hoofd van de sector Grondgebied geantwoord dat aan de plaatsing van dergelijke masten van gemeentewege geen medewerking werd verleend, behoudens de plaatsing van een in het landschap inpasbare kunstboom waarvan de diverse maatschappijen gezamenlijk gebruik moeten maken (sitesharing).
Dit beleid is in bestemmingsplannen overgenomen. Zo bepaalt het bestemmingsplan ‘Landelijk Gebied’ dat het college van burgemeester en wethouders bevoegd is vrijstelling te verlenen voor het oprichten van voorzieningen ten dienste van de telecommunicatie of het ontvangen en zenden van radio- en televisiesignalen, voor zover deze voorzieningen van geringe horizontale afmetingen zijn en mits de zendinstallatie:
een masthoogte heeft die boven het maaiveld niet meer bedraagt dan 40 meter;
in de vorm van een kunstboom wordt gerealiseerd;
door meerdere operators wordt medegebruikt;
en de daarbij behorende apparatuurkasten ingepast worden in het landschap.
Het voorschrift om de mast in de vorm van een kunstboom te realiseren was bedoeld om de mast zo goed mogelijk in de omgeving in te passen. In een vrijstellingsprocedure voor het plaatsen van een mast ten behoeve van mobiele telefonie in 2005 werd echter door groenvoorziening geadviseerd hiervan af te wijken. In dat geval bleek een kunstboom als camouflage van de telecommast niet in het landschap van het desbetreffende deel van de gemeente te passen. Groenvoorziening gaf daarom op die locatie de voorkeur aan een gewone grijze mast en die is ook geplaatst.
In het bestemmingsplan ‘Bloemendaalse Park/Duin en Daal’ zijn de volgende voorwaarden aan het verlenen van vrijstelling voor het oprichten van voorzieningen ten dienste van de telecommunicatie of het ontvangen en zenden van radio- en televisiesignalen gesteld:
de masthoogte mag niet meer dan 40 meter boven het maaiveld uitkomen;
de mast moet in de vorm van een transparante constructie worden gerealiseerd;
de mast moet door meerdere operators worden medegebruikt;
de daarbij behorende apparatuurkasten moeten worden ingepast in het landschap;
de cultuurhistorische, natuur en/of landschappelijke waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
De laatste voorwaarde hangt ongetwijfeld samen met de aanwijzing van het gebied als beschermd dorpsgezicht en het conserverende karakter dat het bestemmingsplan daardoor heeft.
c.Conclusie
De conclusie uit bovenstaande is dat bij aanvragen om vrijstelling en bouwvergunning voor het plaatsen van antenne-installaties door de gemeente Bloemendaal in ieder geval de volgende voorwaarden worden gesteld. De zendinstallatie:
moet een masthoogte hebben die boven het maaiveld niet meer bedraagt dan 40 meter;
zowel de mast als de daarbij behorende apparatuurkasten moeten passen in het landschap (dit kan een transparante constructie zijn, maar het is ook voorstelbaar dat een mast in de vorm van een kunstboom beter binnen een landschap past);
de mast moet door meerdere operators gebruikt worden (sitesharing).
Bij toekomstige aanvragen om bouwvergunningen voor het oprichten van voorzieningen ten dienste van de telecommunicatie of het ontvangen en zenden van radio- en televisiesignalen wordt in beginsel aan deze voorwaarden vastgehouden.
Citeertitel : Beleidsnotitie Behandeling bouwaanvragen plaatsen UMTS-antenne-installatiesBloemendaal 2007
Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van Bloemendaal op 15 mei 2007.
Wettelijke grondslag: art. 160 Gemeentewet en art. 4:81 Algemene wet bestuursrecht.
Gepubliceerd in het Bloemendaals Weekblad op 24 mei 2007.
In werking: 1 juni 2007.
Artikel 2
Bloemendaals beleid inzake antennemasten
Onderdeel van Beleidsnotitie Behandeling bouwaanvragen plaatsen UMTS-antenneinstallaties Bloemendaal 2007