Naar hoofdinhoud

Afdeling III:

Artikel 9.

De aanvraag

Onderdeel van Exploitatieverordening gemeente Hilversum 2003

1.. Een belanghebbende kan burgemeester en wethouders verzoeken tot het verlenen van medewerking met betrekking tot het in exploitatie brengen van gronden. 2.. Bij de aanvraag dient in ieder geval te worden gevoegd: een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te brengen onroerende zaken; gegevens waaruit blijkt dat de belanghebbende de eigendom van de in exploitatie te brengen onroerende zaken heeft verkregen of kan verkrijgen; gegevens omtrent de door belanghebbende te treffen (bouw)werkzaamheden; 3.. Ingeval door burgemeester en wethouders een aanvraag voor een bouwvergunning zoals bedoeld in de Woningwet, eventueel in combinatie met een verzoek om vrijstelling wordt ontvangen, waarbij in geval van verlening van de vrijstelling en/of bouwvergunning van gemeentewege voorzieningen van openbaar nut zoals bedoeld in artikel 2 van deze verordening moeten worden getroffen, wordt dit vóór de beslissing op de aanvraag bekendgemaakt aan de aanvrager. Daarbij wordt een door burgemeester en wethouders vast te stellen aanduiding van het exploitatiegebied en kostenbegroting aan de exploitant bekendgemaakt. Het bepaalde in artikel 5, met uitzondering van het bepaalde in de slotzin van het derde lid, is van overeenkomstige toepassing. Tevens wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld een aanvraag in te dienen bij burgemeester en wethouders voor medewerking met betrekking tot het in exploitatie brengen van gronden. 4.. Burgemeester en wethouders beslissen binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel