Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.3

Horen portefeuillehouder of burgemeester

Onderdeel van Mandaatregeling De Bilt 2010

1.De gemandateerde of diens direct-leidinggevende legt een voorgenomen besluit in elk geval aan de portefeuillehouder voor: a. indien het voornemen bestaat tot aanvulling of afwijking van het tot dan toe gevoerde beleid, richtlijnen, voorschriften of een wettelijk of door het bestuursorgaan voorgeschreven advies; b. indien aan de beslissing politieke aspecten zijn verbonden, de zaak gevoelig ligt dan wel precedentwerking te verwachten valt; c. indien er rekening mee is te houden dat de betrokken portefeuillehouder en/of de mandaatgever op zijn verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit zal worden aangesproken; d. indien bij de te nemen beslissing meerdere organisatie-onderdelen zijn betrokken en de terzake ingenomen standpunten niet eenduidig zijn; e. indien redelijkerwijs verwacht moet worden dat tegen de voorgenomen beslissing één of meerdere bedenkingen of zienswijzen kenbaar zullen worden gemaakt; f. indien verwacht wordt dat tegen de beslissing één of meerdere bezwaarschriften zullen worden ingediend; g. in geval de beslissing zou kunnen leiden tot overschrijding van beschikbare budgetten of begrotingsposten; h. voor wat betreft personele aangelegenheden, indien er rekening mee gehouden moet worden, dat de ambtenaar die het betreft, van zijn of haar bevoegdheid op grond van de Uitwerkingsovereenkomst om zijn of haar belangen rechtstreeks bij het tot aanstelling bevoegde gezag te bepleiten gebruik zal maken. 2. Wanneer de portefeuillehouder dit wenst, wordt het voorgenomen besluit aan het college voorgelegd. Wanneer de portefeuillehouder burgemeester is, houdt hij de beslissing aan zich. 3. Het bepaalde in de vorige leden is van overeenkomstige toepassing op ondermandaat met dien verstande dat de ondergemandateerde de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid voorlegt aan zijn directe leidinggevende en de gemandateerde. Eventueel in overleg met de mandaatgever beslist deze of van de (onder)gemandateerde bevoegdheid gebruik kan worden gemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel