**1..** De gemandateerde mag de aan hem gemandateerde bevoegdheid uitsluitend in ondermandaat geven, waneer hem die bevoegdheid is gegeven in de hoofdstukken 2 t/m 12.
**2..** De gemandateerde kan aan het ondermandaat bepaalde voorschriften verbinden of in concrete gevallen bepaalde aanwijzingen geven.
**3..** De functionaris die een bevoegdheid in ondermandaat heeft verkregen, mag deze niet verder ondermandateren.
**4..** Wanneer de ondergemandateerde bevoegd is tot het nemen van een afwijzende beslissing, gaat hij daartoe niet over voordat hij van het voornemen daartoe kennis heeft gegeven aan zijn direct leidinggevende of de gemandateerde.