**1..** Het is verboden zonder verlof van de burgemeester in een horecabedrijf alcoholvrije drank en/of eetwaren te verstrekken anders dan krachtens een vergunning op grond van de Drank- en Horecawet.
**2..** Het in het eerste lid vervatte verbod geldt niet:
voor bedrijfskantines, voorzover het gaat om dienstverlening aan personeel;
voor middelen van vervoer tijdens hun gebruik als zodanig.
**3..** Een verlof als bedoeld in het eerste lid wordt geweigerd, indien de leidinggevende:
onder curatele staat;
in enig opzicht van slecht levensgedrag is;
de leeftijd van eenentwintig jaar niet heeft bereikt;
niet voldoet aan de eisen, die bij of krachtens artikel 8, derde lid van de Drank- en Horecawet worden gesteld ten aanzien van de leidinggevende;
**4..** Een verlofaanvraag ten aanzien van een inrichting, waarvan het verlof op grond van het artikel 3, lid 7 onder c van deze verordening, is ingetrokken, kan gedurende een bij die intrekking vastgestelde termijn van ten hoogste vijf jaar worden geweigerd.
**5..** Een verlof als bedoeld in het eerste lid vervalt en is opnieuw vereist:
a. sedert haar verlening onherroepelijk is geworden, zes maanden zijn verlopen, zonder dat handelingen zijn verricht met gebruikmaking van het verlof;
indien een horecabedrijf een jaar of langer niet feitelijk is geëxploiteerd;
indien het bedrijfskarakter van een horecabedrijf is gewijzigd;
de verlening van een verlof, strekkende tot vervanging van eerstbedoelde verlof, van kracht is geworden.
Artikel 5.
Het verstrekken van alcoholvrije drank en/of eetwaren
Onderdeel van Horecaverordening Hilversum 2003