Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 13

Citeertitel

Onderdeel van Exploitatieverordening Enschede

Deze verordening kan worden aangehaald als "Exploitatieverordening Enschede". Vastgesteld in de openbare vergadering van 24 juni 1996, gewijzigd vastgesteld in de openbare vergadering van 19 december 2005. klass.nr. -1.732 Toelichting op de Exploitatieverordening Enschede 1996 Algemeen Deze verordening legt ingevolge artikel 42 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening de voorwaarden vast waaronder de gemeente medewerking zal verlenen aan de exploitatie van gronden die in de naaste toekomst voor bebouwing in aanmerking komen. De verordening heeft het karakter van algemene voorwaarden welke van toepassing zullen zijn op het sluiten van overeenkomsten met exploitanten. De verordening regelt in de eerste plaats het verhaal van kosten van door de gemeente te treffen voorzieningen van openbaar nut, voor zover die niet op andere wijze (bijvoorbeeld via de gronduitgifte of door het heffen van baatbelasting) zijn of worden verhaald op de exploitant. Uit recente jurisprudentie valt af te leiden dat alle overeenkomsten tot kostenverhaal, welke niet als gronduitgifte-overeenkomsten kunnen worden aangemerkt, op de exploitatieverordening moeten worden gebaseerd. De in deze verordening gegeven regels voor kostenverhaal geven een adequaat resultaat voor de vele gevallen waarin een grondeigenaar de medewerking verzoekt voor de ontwikkeling en uitvoering van bouwplannen op zijn grond. De gemeente zal die medewerking in beginsel verlenen indien het betreffende bouwplan past in het gemeentelijk ruimtelijk en/of volkshuisvestingsbeleid en de exploitant tevens bereid is om de door de gemeente te maken kosten voor voorzieningen van openbaar nut aan haar te vergoeden. De algemene regels voor het kostenverhaal van de verordening zijn niet toegesneden op stedelijke ontwikkelingen welke slechts in een gestructureerd samenwerkingsverband tussen gemeente en de ontwikkelende partij(en) tot stand kunnen worden gebracht. Voor een dergelijk samenwerkingsverband is een nauwgezette fasegewijze contractering nodig, welke van geval tot geval zal verschillen. De financiële betrokkenheid van de gemeente (zowel wat betreft de te maken kosten als het nemen van risico's bij dergelijke PPS- projecten) laat zich niet in een verordening regelen. In dergelijke gevallen zal de Raad dan ook van geval tot geval moeten kunnen beslissen. De verordening biedt ook de mogelijkheid voorwaarden te stellen met het oog op de effectuering van andere doelstellingen van grondbeleid. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan volkshuisvestingsdoeleinden, welke vertaald worden in voorgeschreven woningdifferentiaties en prijs/ kwaliteitsverhoudingen. In exploitatiegebieden waarin de grondeigendomsverhouding zodanig is dat de mogelijkheid bestaat dat de gemeente via gronduitgifte en exploitatieovereenkomsten niet volledig tot kostenverhaal kan komen, is het van belang om tijdig een bekostigingsbesluit te doen nemen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 222 van de Gemeentewet. Op die wijze kan tijdig kostenverhaal via baatbelasting worden voorbereid. Artikelsgewijze toelichting Artikelsgewijze toelichting In artikel 1 worden allereerst de begripsbepalingen gegeven en wordt verder aangegeven welke werken tenminste worden beschouwd als voorzieningen van openbaar nut in de zin van deze verordening. De verordening is alleen van toepassing als medewerking wordt verleend aan het in exploitatie brengen van gronden die niet in eigendom zijn van de gemeente. De daartoe opgenomen definitie strookt met de terminologie die ook de wetgever hanteert in artikel 222 Gemeentewet. Onder deze definitie vallen ook gebouwde onroerende zaken. In tegenstelling tot de oude verordening wordt de aanleg van rioolwaterzuiveringsinstallatie niet meer beschouwd als een voorziening van openbaar nut. Dat is uitdrukkelijk wel het geval met de milieutechnische en ecologische maatregelen die ten behoeve van het plan moeten worden genomen. In artikel 2 wordt aangegeven wat wordt begrepen onder de kosten van in exploitatie brengen. Dat betreft zowel de kosten van voorzieningen binnen als van voorzieningen buiten het plan. De laatste worden wel aangeduid als kosten van bovenwijkse voorzieningen. Indien dat wenselijk wordt geacht kunnen de kosten voor bovenwijkse voorzieningen worden doorberekend via een fondsopslag, maar dat vereist wel een beleidsmatige onderbouwing daarvan, alsmede een consequente toepassing van dat beleid. Dat houdt in dat de opslag ook wordt toegepast binnen exploitaties van gebieden waarin alle grond in handen van de gemeente is. De beleidsmatige onderbouwing kan plaatsvinden bij de vaststelling van het structuurplan of op basis van een afzonderlijke beleidsnota, liefst vastgesteld overeenkomstig de regels in de toekomstige derde tranche van de AWB, dat wil zeggen algemeen kenbaar en goed onderbouwd. In principe legt de gemeente de openbare voorzieningen zelf aan. In deze bepaling is ook een garantie opgenomen voor de kwaliteit en de financiële borging ingeval de exploitant zelf de openbare voorzieningen aanlegt. Overigens ontbreekt dit laatste in de modelverordening van de VNG, maar wordt wel in andere modellen gehanteerd. In de praktijk is gebleken dan deze bepaling een goed bruikbaar extra instrument biedt. In artikel 3 is aangegeven met welke eenheid wordt gerekend om te komen tot een verantwoorde omslag van de baat over de gebate percelen. Die rekeneenheid is de veronderstelde opbrengstcapaciteit (marktwaarde). Ingeval er op deze wijze geen billijke omslag kan worden vastgesteld biedt de bepaling de mogelijkheid om dat op andere wijze te doen. In artikel 4 is de berekeningswijze aangegeven van de exploitatiebijdrage die de exploitant krachtens de exploitatie-overeenkomst zal moeten betalen. Ingeval strijd ontstaat over de toepassing van deze aanwijzing kan een commissie van deskundigen uitkomst bieden. Een bijzondere regeling is van toepassing voor het geval de exploitant zelf de voorzieningen aanlegt. In artikel 5 wordt de inhoud van de exploitatie-overeenkomst geregeld. Komt een overeenkomst tot stand, dan dient die in overeenstemming te zijn met de Exploitatieverordening en de daartoe met name gegeven elementen te bevatten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel