Een maatwerkvoorziening wordt geweigerd indien de cliënt aanspraak heeft op verblijf in een instelling op grond van de Wlz of er redenen zijn om aan te nemen dat de cliënt daarop een aanspraak kan doen maar weigert om hier aan mee te werken.
Wet- en regelgeving: Wmo artikel 2.3.5 lid 6
Iemand met een Wlz-indicatie verblijf of iemand die aanspraak zou kunnen maken op deze indicatie, heeft geen recht op maatwerkvoorzieningen. Een Wlz-indicatie verblijf is aan de orde wanneer de cliënt permanent toezicht nodig heeft.
Het gaat bij permanent toezicht om toezicht waarop de cliënt op basis van aandoeningen, stoornissen en beperkingen noodzakelijkerwijs is aangewezen op regelmatige en onregelmatige momenten en die geboden wordt op basis van actieve observatie. Het toezicht kan gericht zijn op:
het bieden van fysieke zorg, zodat tijdig kan worden ingegrepen bij bijvoorbeeld valgevaar, of complicaties bij een ziekte; en/of,
het verlenen van zorg op ongeregelde en/of frequente tijden, omdat de cliënt zelf niet (meer) in staat is om hulp in te roepen; en/of,
het preventief ingrijpen bij gedragsproblemen (voorkomen van escalatie en gevaar).
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.5
Artikel 1.5.1
Wet langdurige zorg (Wlz):
Onderdeel van Beleidsregels en nadere regel maatschappelijke ondersteuning Maassluis Vlaardingen Schiedam 2018