Als een uitkeringsgerechtigde of de aanvrager van een uitkering niet meewerkt aan een huisbezoek heeft dit gevolgen voor de uitkering of toeslag.
Geen vermoeden van fraude:
De "Wet Huisbezoeken" regelt de rechtsgevolgen van het weigeren van een huisbezoek ter verificatie.
Wanneer iemand een huisbezoek ter verificatie van de verstrekte inlichtingen weigert en niet op andere wijze aantoont dat
hij feitelijk woont op het opgegeven adres of wat zijn leefvorm is:
Indien belanghebbende niet aantoont dat hij feitelijk woont op het opgegeven adres.
De uitkering wordt opgeschort met het verzoek binnen de gestelde termijn alsnog op andere wijze aan te tonen aldaar feitelijk te
verblijven. Indien betrokkene dit nalaat wordt het recht ingetrokken vanaf datum opschorting.
Indien betrokkene niet aantoont wat zijn leefvorm is
De uitkering wordt vastgesteld op niet meer en niet minder dan 30% van de toepasselijke rekennorm. Artikel 9 lid 4 PW wordt buiten beschouwing gelaten (indien van toepassing)
Vermoeden van fraude:
Eerder is vermeld dat de rechtsgevolgen van het weigeren mee te werken aan een huisbezoek na een vermoeden van fraude (ter controle) het afwijzen van een bijstandsaanvraag dan wel het beëindigen/intrekken van de bijstand tot gevolg kan hebben.